Rebellen in de boekenkast: De vrouw achter de glazen wand

Rebellen en dwarsdenkers staan centraal in de 85ste Boekenweek, die zaterdag begint. Cultuurredacteuren van de Leeuwarder Courant duiken in hun boekenkast. Welke eigenzinnige denker hebben we, soms al jaren, thuis op de plank staan? Zaterdag, de aftrap: een vrouw achter een glazen wand.

Een van de grootste rebellen in mijn boekenkast leeft achter een glazen wand. Die glazen wand was er ineens. De vrouw uit het boek van de Oostenrijkse schrijfster Marlen Haushofer (1920-1970) logeert in de jachthut van haar nicht. Als die nicht en haar man op een ochtend niet zijn thuisgekomen van een avondje uit, gaat de vrouw op onderzoek uit en komt tot de ontdekking dat het dal waarin ze zich bevindt, is afgescheiden van de rest van de wereld door een immense glazen wand.

Zo goed en zo kwaad als het gaat, probeert de vrouw zich te redden, samen met haar hond, een kat, en een koe. Ze gaat de strijd aan met de wereld om zich heen en met zichzelf, en schrijft daar openhartig over in haar dagboek. Het is een akelig en adembenemend verhaal over eenzaamheid, depressie en het einde der tijden. Het boek is raadselachtig, maar gaat volgens mij ook over vrouwelijke kracht en over autonomie.

Haushofer, die op 49-jarige leeftijd aan botkanker overleed, schikte zich heel haar leven naar anderen – eerst aan de wensen van haar familie, later aan die van haar echtgenoot en ten slotte aan de eisen die het moederschap aan haar stelde. Ze kampte een paar keer met depressies. De Wand is voor mij een boek waarin rebellie naar binnen keert. Ontsnappen doe je soms niet door weg te rennen, maar door op je plek te blijven.

Citaat: ‘Toen ik op 10 mei wakker werd, dacht ik aan mijn kinderen als aan twee kleine meisjes die hand in hand over het speelplein trippelden. De twee tamelijk vervelende, liefdeloze en ruziezoekende halfvolwassenen die ik in de stad had achtergelaten waren plotseling volkomen onwerkelijk geworden. Om hen heb ik nooit getreurd, altijd alleen maar om de kinderen die ze jaren geleden waren geweest. Waarschijnlijk klinkt dat erg wreed, maar ik zou niet weten wie ik nu nog iets zou moeten voorliegen. Ik kan het me permitteren om de waarheid te schrijven; alle mensen ter wille van wie ik mijn leven lang heb gelogen zijn dood.’

home
net-binnen
menu