Groot deel musea maandag weer open, met zorgen over toekomst

Liekele Lemsma (84) is vrijwilliger in het museum in Lemmer. Hij geeft voorlopig geen rondleidingen meer. Foto Niels de Vries

Het is passen en meten in de musea om bezoekers te kunnen ontvangen, maar open gaan ze. Ook al is de toekomst ongewis.

Van de 74 bij de Museumfederatie Fryslân aangesloten musea, openen er vanaf maandag zo’n vijftig de deuren. De rest blijft vooralsnog gesloten of gaat de komende weken open. Musea blijven gesloten omdat ze te klein zijn en er geen veilige looproute is of omdat er onvoldoende vrijwilligers zijn.

Bezoekers moeten zich bij alle musea vooraf melden en kunnen dan op een bepaalde tijd terecht. De kaartjes zijn online te bestellen, maar reserveren kan ook via de mail en telefoon. ,,Je kunt je voorstellen dat mensen spontaan een museum in willen, die kunnen dan bij de deur even bellen’’, zegt Lisette Zwerver van de Museumfederatie. Contant betalen in musea kan niet, contactloos betalen wel.

Zorgen over toekomst

,,De musea die open gaan, zijn blij om weer mensen te ontvangen’’, zegt directeur Mirjam Pragt van de Museumfederatie. Ze wil niet somber klinken, maar is wel bezorgd over de toekomst. ,,Nu zeg ik: iedereen gaat het redden. Er is immers financiële steun toegezegd door de overheid. Maar als je me aan het eind van het jaar weer vraagt, dan weet ik niet wat ik zal zeggen.’’

Pragt, die ook landelijk coördinator museumconsulenten is, voerde afgelopen week nog overleg met cultuurminister Ingrid van Engelshoven. De financiële steun vanuit de overheid is volgens Pragt nog onvoldoende, heeft ze de minister laten weten. ,,Iedereen is er gelukkig wel van doordrongen dat ook musea in de regio van cultureel maatschappelijk belang zijn. Die winst is er, maar om ze na deze crisis in stand te houden, moet er wel wat gebeuren.’’

Zo hoopt Pragt dat er een huurcompensatie komt voor de musea. En er moet nu ook vaart worden gemaakt met plannen hoe musea minder kosten kwijt zijn aan bijvoorbeeld de energierekening. ,,Dat zou over paar jaar gebeuren, zegt het ministerie, maar die tijd is er niet meer. Dat moet nu.’’

Museum in tien panden

Museum Joure heeft veel gebouwen die duur zijn in onderhoud. Het museum is gevestigd in tien panden, waarvan zeven een rijksmonument zijn. Er komen jaarlijks 21.000 bezoekers, maar dat aantal wordt bij lange na dit jaar niet gehaald. ,,We misse sawiesa trije moanne. En wat komt der noch op ús ôf? Wy ha noch wol in bufferke, dat rekket no op. En dan?’’, vraagt directeur Iris Nutma van het museum zich af. ,,Mar wy gean der no wol foar. It moat.’’

Het museum van de stichting Oudheidkamer Lemster Fiifgea wordt voor een groot deel gesubsidieerd door de gemeente De Fryske Marren. Dat museum zal niet zo gauw omvallen, vanwege die steun, maar zonder inkomsten wordt het wel moeilijk. Jaarlijks komen er ruim 1500 bezoekers in het museum. Vanaf 1 juni kunnen, op basis van het aantal vierkante meters, er maar zes personen per keer in het museum aan de Nieuwburen. Het museum is vooral afhankelijk van toeristen die spontaan naar binnen stappen. ,,Dat kin no net mear. En wy misse ek de besikers dy’t oars nei de feesten op ’e Lemmer komme’’, zegt medewerkers Hannie Bouma.

Vrijwilligers uitwisselen

Er zijn in Friesland ruim 3000 vrijwilligers in de musea actief. Een groot deel daarvan behoort tot de risicogroep. ,,En begrijpelijk dat mensen zeggen dat ze liever thuis blijven’’, zegt Pragt. Maar zorgen over de vergrijzing zijn er wel. Die waren er ook al langer, maar zijn ineens urgent. De federatie wil al die vrijwilligers een pas geven, waarmee ze gratis andere musea kunnen bezoeken. ,,Zo komt er hopelijk een overdracht van kennis tot stand.’’ Een ander effect zou kunnen zijn, hoopt de federatie, dat er een uitwisseling van vrijwilligers komt.