In Museum Drachten is – verlaat – de expositie Waanzinnig. Het buitengewone leven van Klaas Koopmans van start gegaan. Met speciale aandacht voor ontwikkelingen in de psychiatrie.

Het is dit jaar honderd jaar geleden dat Klaas Koopmans (1920-2006) werd geboren, reden voor Museum Drachten zijn werk volop de aandacht te geven. Koopmans was een van de vijf Yn ‘e line-schilders. Deze Friese schildersgroep is een zwaartepunt van het museum. Tegelijk haakt het museum in op de manisch-depressiviteit van autodidact Koopmans.

loading

Klaas’ vader Wybe heeft een schildersbedrijf in Garyp en ontspant in zijn vrije tijd door te boetseren en schilderen. Klaas stapt weliswaar in het bedrijf, maar droomt ervan te kunnen leven van de kunst. Hij raakt bevriend met psycholoog (en ook autodidact tekenaar) Romke Faber die in de hongerwinter naar Friesland was gekomen. Die herkent zijn talent en stuurt hem naar zijn vriend Joop Kloek in Twijzel om te leren etsen. Daar ontmoet Koopmans Jaap Rusticus.

Met hem gaat hij in 1946 mee naar Herman Dijkstra, Ploeglid in Groningen. Hier krijgen ook Pier Feddema, Jan van der Bij en Sjoerd Huizinga les. Via hem maken ze kennis met het werk van de Duitse groepen Die Brücke en Der Blaue Reiter, die met hun expressionisme weer inspiratiebron waren voor de Groningers. Als Dijkstra na een paar jaar voor een andere baan verhuist, blijven de vijf vrienden samen optrekken. Rusticus, Feddema, Van der Bij, Huizinga en Koopmans richten hun eigen groep op: Yn ‘e line.

loading

Maandelijks blijven ze elkaar ontmoeten. Op deze zaterdagen zijn hun vrouwen er ook bij. Eerst bespreken de mannen recent gemaakt werk, waarna de vrouwen zich bij hen voegen en er ook andere onderwerpen ter sprake komen. De vijf zoeken ‘samen hun weg in het woud van expressionisme waarmee ze nog maar kort daarvoor kennis hadden gemaakt’, schrijft Hans Smelik in Klaas Koopmans 1920-2006 Op zoek naar de essentie . Ze nemen voorzichtig afscheid van het Haagse School-realisme en zien andere mogelijkheden. Ze hebben het gevoel dat het hen niet komt aanwaaien, dat ze er hard voor moeten werken. Vandaar de naam Yn ‘e line (de trekschuit trekkend).

Smelik denkt dat de bijeenkomsten voor Klaas niet altijd even makkelijk zijn geweest. ‘Al zal hij bij tijden wel wat tegengas gegeven hebben – hij was de man er niet naar om z’n mond te houden – dan nog moeten de confrontaties met de anderen en de meningen over zijn werk voor de gevoelsmens die hij was, achteraf een onbestemd gevoel hebben gegeven waarmee hij moeilijk kon omgaan.’ Koopmans zegt in een interview in de jaren 80: ,,Nea wie ik tefreden mei mysels, it soe en moast better. It gie mei fallen en opstean.’’

Het aantal bijeenkomsten neemt in de jaren vijftig geleidelijk af en de groep houdt op te bestaan met het overlijden van Huizinga en Rusticus in 1972.

loading

In 1949 wordt hij voor het eerst opgenomen in een psychiatrische kliniek in Zuidlaren, hij blijkt net als zijn moeder manisch-depressief te zijn en ook zij is hier al eens verpleegd. Hij krijgt er een eigen kamer om te tekenen, geniet van de omgeving en maakt portretten van enkele artsen.

Tekenen, olieverf, aquarel

In 1951 schrijft een journalist in de Leeuwarder Courant over een werkje van Koopmans dat in het gemeentehuis van Burgum hangt. ‘... een fris modern doekje, met forse streken neergepenseeld: (...) Tekenen, olieverf, aquarel, alles heeft Koopmans’ liefde en vooral oude huisjes, schilderachtige hoekjes brengt hij op het doek, het betreurend dat er zoveel moois bij de dag verdwijnt.’ Hoewel het publiek nog moet wennen aan deze nieuwe manier van schilderen, voorspelt de krant ‘Men zal nog wel van hem horen!’

‘Vanaf dat moment vertegenwoordigt Koopmans’ werk een visie op het landschap die in Friesland actueel en relevant is’, schrijft Bert Looper, directeur van Tresoar. ‘Romantisch, maar met een duidelijk geëngageerd besef van de verarming van onze omgeving.’

Kunst en emancipatie zijn in die tijd nauw met elkaar verbonden, en Looper ziet dat Kneppelfreed in 1951 hiervoor een belangrijke impuls is. (Op Kneppelfreed (Knuppelvrijdag) staan Fedde Schurer ( Heerenveense Koerier ) en Tsjebbe de Jong ( Bolswarder Nieuwsblad ) voor de rechter, omdat ze het hebben opgenomen voor een Friese veearts die in een rechtszaak geen Fries mocht spreken.) Verbonden met deze taalstrijd groeit een Fries cultuurbesef, waarin de kunst van Koopmans past.

Tweede opname in Zuidlaren

In 1954 volgt een tweede opname in Zuidlaren. Het regime is aanzienlijk veranderd. Klaas krijgt nu zware medicijnen en hij moet wasknijpers maken als arbeidstherapie. Stiekem maakt hij schetsjes op allerlei stukjes papier die hij te pakken kan krijgen. Als Klaas toch toestemming krijgt om te tekenen, leeft hij op en schrijft zijn vrouw bijna dagelijks. ,,Weet je Hinke, dat ik hier met elkaar zo’n zestig schetsen en studies gemaakt heb, op allerlei soorten materiaal, met houtskool, pen, potlood en balpen.’’

Vijf jaar later komt Klaas opnieuw in een crisis. Dit keer wordt hij opgenomen in Groot Lankum in Franeker. Hij verblijft er langer dan de vorige opnames (van 27 juli 1959 tot 12 maart 1960) omdat er paratyfus uitbreekt op zijn afdeling. Ook hier is tekenen niet toegestaan, wat het voor Klaas moeilijk maakt. Maar opnieuw zoekt hij zijn toevlucht tot wat voorhanden is: enveloppen en tabakszakjes als ondergrond, pen, potlood, sigarettenas en zelfs lippenstift om mee te tekenen.

In 1963 uit het pas gevonden Friese cultuurbesef zich grootschalig op de tentoonstelling Frisiana , ter gelegenheid van de opening van de Frieslandhal (nu WTC). Hier wordt ‘Frieslands kennen en kunnen in verleden, heden en toekomst’ getoond. Koopmans is er vertegenwoordigd, als schakel tussen de meer traditionele kunstenaars als Jeanne Bieruma Oosting en Evert Caspers, en de moderne, abstract werkenden zoals Sies Bleeker, Sjoerd de Vries en Jerre Hakse. Er hangt geen landschap, maar een van zijn ‘terloopse tekeningen en vluchtige schetsen’ uit de inrichting, een krijttekening getiteld Meltse .

Eerste solotentoonstelling in Leeuwarden

Dit zelfde jaar wordt Klaas weer opgenomen in Franeker. Hij kan dit keer naar hartenlust tekenen. ‘Modellen bij de vleet’, en zijn gezin mag wekelijks op bezoek komen. Al is hij daarna nog wel eens overspannen, dankzij medicatie en goede begeleiding hoeft hij niet meer opgenomen te worden.

Twee jaar later krijgt Koopmans zijn eerste solotentoonstelling bij Galerie van Hulsen in Leeuwarden. Eduard Kools is lyrisch in de Leeuwarder Courant : ‘Met enkele lijnen (....) komen geladen en suggestieve landschappen tot beelding. Er zijn erbij waar het schrift de bewogenheid heeft van heel ver boven de dingen staan.’ Zijn bijna abstracte beeldtaal past in de tijd en onderschrijft de emancipatie van de Friese gemeenschap, taal en cultuur.

Daar komt in 1979 nog een kantelpunt bij als Thom Mercuur in zijn galerie in Franeker Koopmans’ portretten exposeert. Opeens krijgt hij ook landelijke, en zelfs internationale erkenning voor ander werk dan zijn landschappen. Hierna volgen meer exposities van zijn Gestichtstekeningen , die worden opgenomen in de collectie van Museum Dr. Guislain in Gent. Koopmans verkoopt dat jaar zijn schildersbedrijf, en is op zijn 59ste eindelijk vrij kunstenaar.

Breder perspectief

Museum Drachten plaatst de Gestichtstekeningen van Klaas Koopmans in een breder perspectief door ze te tonen naast de krankzinnigentekeningen van Jan van Herwijnen van honderd jaar geleden, en recent werk van (ex-)psychiatrische cliënten onder de noemer de Panoramisten. Van Herwijnen was zelf opgenomen geweest en geeft zijn kijk op patiënten, die destijds allemaal een standaard behandeling ondergingen.

De Panoramisten waren in LF2018 betrokken bij het project Panorama InsideOut onder leiding van kunstenares Baukje Spaltro. Tegenwoordig worden cliënten juist gestimuleerd zich via kunst te uiten. Zij tonen eigen werk in het atrium van het museum. ,,Dat past in ons beleid om ons te richten op meer maatschappelijke thema’s en zo andere groepen bij het museum te betrekken’’, zegt conservator Annemieke Keizer.

Drachten - Museum Dr8888: Museumplein 2, di t/m zo 11-17 u, t/m 28 feb 2021

Je kunt deze onderwerpen volgen
Beeldende kunst
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct