Friesland kent een rijke culturele sector. Achter die rijkdom gaan kleine, kwetsbare bedrijven schuil, maar de eigenaren van dansschool The Factory in Leeuwarden laten zich niet kisten.

‘Mogen wij even treuren?’, staat in grote letters op de website van dansschool The Factory. ‘Het nieuwe ‘normaal’ is met vallen en opstaan ‘normaal geworden, al is het zwaar.’ En, een paar alinea’s verderop: ‘Voor ons was het belangrijkste dat de danslessen zo goed en zo kwaad door konden gaan. Wij proberen het beste eruit te halen.’

Achter deze woorden gaat van alles schuil - een verhaal van dromen en ambitie, van knokken en tegenslag, én een verhaal over een hamer en een wijsvinger.

Wendy Westra, docent urban en show dance, en Mirjam van Duin, moderne dansdocent en choreograaf, besloten vijf jaar geleden om hun droom waar te maken en een eigen dansschool te beginnen. Ze wisten meteen al wat hun eigen kracht zou worden - in The Factory zou niet hun eigen talent centraal staan of dat van de groep, maar van iedere individuele leerling zelf. ,,Het is niet óns talent, het is hún talent’’, zegt Van Duin.

Bedrijvigheid

We zitten in de kantine van DOAS, de culturele broedplaats in de Cornelis Trooststraat. Dat we middenin een lock down zitten, zou je niet zeggen. Het is een en al bedrijvigheid hier. Klussers zwermen rond, kunstenaars komen voorbij, er wordt geboord en gezaagd, versleept en gebouwd hier. De kantine is open, er wordt warm eten geserveerd aan pauzerende timmerlieden. Wie zit, mag zijn of haar mondkapje af. Het gonst hier, het is hier gezellig. Hier ontstaat iets.

Het is gek, want terwijl de broedplaats groeit, snoeit de coronacrisis de culturele sector steeds een stukje verder weg, gaat er steeds weer een randje af. In de ateliers wordt getekend en genaaid, wordt zang- en timmerles gegeven, online of als privéles. Maar voor hoe lang nog?

loading

Gemeenten moeten bezuinigen, er is steun, maar ook zicht op minder geld. Wat is noodzakelijk voor een gezonde samenleving, wat niet? Cultuur-aanbieders zien de discussies hierover met lede ogen aan, eigenlijk zouden ze mee moeten praten, maar daar hebben ze geen tijd voor. Er moet les worden gegeven namelijk. Dus zetten ook Van Duin en Westra door. Leven bij de week, bij de maand, voortbouwen, doorbloeien.

Het ging net lekker.

Stevige basis

Want bloeien is wat het bedrijf van dit dansduo deed toen Nederland een jaar geleden in de eerste lock down ging. Hun bedrijf, bijna vijf jaar oud, ging net lekker lopen. In een jaar kreeg de dansschool er 150 leerlingen bij. Er lag een stevige basis. De vrouwen wisten geld opzij te leggen - heel verstandig naar nu blijkt, maar daarover later meer - en begonnen voorzichtig te investeren in een danszaal, een vloer, in spiegels. De toekomst zag er zonnig uit.

En toen: corona. ,,Een streep door alles’’, zegt Van Duin met een gepijnigd gezicht. De eindvoorstelling ging niet door, wedstrijden niet. Westra: ,,We zijn twee weken even echt flabbergasted geweest, toen zijn we begonnen met dansvideo’s op een eigen YouTube-kanaal en later met live danslessen via Zoom.’’

Daarna, in de zomer, werd er buiten op de binnenplaats van DOAS les gegeven en in plaats van een eindvoorstelling namen de leerlingen een videoclip op in de Groene Ster. Aan energie en inventiviteit geen gebrek.

,,Je vraagt je natuurlijk wel af: komen ze wel, vinden ze het wel leuk?’’, zegt Westra. ,,We waren voortdurend aan het reageren.’’ Van Duin: ,,Er is veel tijd en energie gaan zitten in het bij de gemeente te proberen te achterhalen wat er nu precies wel en niet mag.’’

Protocollen

Het najaar: nieuwe lockdowns, nieuwe listen. ,,We hebben een kerst- drive by gedaan, met cadeautjes, we wilden onze leerlingen een beetje verwennen’’, glundert Van Duin. Dezelfde formule hanteerden ze tijdens Valentijnsdag. En online gingen de lessen ‘gewoon’ door.

Toch raakten er leerlingen buiten beeld. Die kwamen niet meer opdagen. Het aantal proeflessen liep hard terug. Beetje bij beetje teerden Van Duin en Westra op hun reserves in. En dan waren er de discussies met de ouders. Kind verkouden? Dan mocht het niet komen dansen. Ingewikkelde materie. Van Duin: ,,Maar we moeten ons aan het protocol houden.’’

Echt leuk wordt het niet online, vinden de vrouwen. Je moet er ongelofelijk hard aan trekken om het leuk te maken, maar je krijgt er minder energie van. In januari besloot het duo om een grote tent te kopen; met de zijflappen open konden ze met hun leerlingen buiten dansen, goed geventileerd, droog en min of meer uit de wind.

Eureka. En omdat ze gespaard hadden, was er budget. De gigantische witte tent kostte ruim 2500 euro en werd op 6 maart op de binnenplaats opgezet. Oude balletvloer erin, verrijdbare spiegels. Een outdoor dansstudio was geboren.

Drie dagen later stak de maartstorm op.

Vingertopje

Terug naar de website. Daar schrijven Van Duin en Westra: ‘Diverse buizen zijn volledig verbogen en er moeten nieuwe onderdelen komen om de tent weer te gebruiken.’ Een nieuwe kopen bleek goedkoper. Er werd een inzamelingsactie gestart en die slaagde: er kwam een nieuwe tent, die eind maart fier overeind stond.

De aanhouder wint, blijkt maar weer, maar het kostte Van Duin bijna wel haar vingertopje. Een misslag met de hamer. Ziekenhuis. Hechtingen. Hopelijk groeit het topje weer aan, anders moet de dansdocente het met een kortere vinger doen. ,,Daar valt mee te leven’’, grijnst ze dapper.

Die vinger, die misslag, is tekenend voor het doorzettingsvermogen van dit duo. Eigenlijk is er niets waar ze echt wanhopig van worden. Van Duin: ,,We hebben steeds veel energie gestoken in ‘wat als…’, maar dan liep het toch weer anders. Nu zien we wel hoe het komt.’’ Westra: ,,En we hebben elkaar hè, dat helpt, we zijn aanpakkers, doeners, snel enthousiast, en dan beginnen we gewoon.’’

Sober leven

Van Duin, die als zzp-er (danseres en choreograaf) bijna zonder inkomsten zit, wanhoopt ook daar niet over. ,,Ik ben al gewend om sober te leven. Ik vind het erger om niets te kunnen máken, want dat is toch echt wat ik ben, een maker.’’ Westra werkt twee nachten per week bij Fier, bij slachtoffers van lover boys en ontleent daaraan een vast inkomen. Het aantal leerlingen is met 25 procent teruggelopen. Ze hebben goede hoop dat dat weer aantrekt, straks, ooit, na corona.

Met twinkelende ogen beginnen de vrouwen meteen te fantaseren. Nieuwe proeflessen, nieuwe leerlingen, nieuwe projecten, nieuwe docenten. Ze blijven dansen, dat kan niet anders.

www.thefactoryleeuwarden.nl

Je kunt deze onderwerpen volgen
Cultuur
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct