Illustratie flos vingerhoets

Soft doch rechtvaardig

Illustratie flos vingerhoets

Veel Nederlanders vinden de politie te mild. Agenten moeten harder optreden tegen treiterende vloggers en zich niet voor schut laten zetten. Toch is de combinatie van praten en optreden juist efficiënt, zeggen deskundigen.

Iedere puber in de jaren zestig wist: voor de politie moet je uitkijken. Iedere puber anno 2016 ziet op YouTube: de politie kun je gewoon uitlachen. In een halve eeuw is er veel veranderd. De jeugd daagt uit, maar de tijd dat agenten er met gestrekt been ingingen, is voorbij.

,,De politie mept er niet meteen op los, maar handelt verstandig en ingetogen’’, zegt socioloog Jaap Timmer (VU Amsterdam). ,,Dat is anders dan in Frankrijk, waar de politie door hard optreden juist burgers van zich vervreemdt. Misschien is dat mede de verklaring dat sommige lui daar ontsporen.’’

Niet dat Nederland geen ontspoorde lui heeft. Neem de Turkse ‘treitervloggers’ in Zaandam die agenten belachelijk maken, de beledigende teksten van rapper Boef, jongeren in Amersfoort die zich massaal tegen de politie keren als een van hen wordt aangehouden. Timmer: ,,De angry young Turken in Zaandam zijn de provo’s van nu. De dynamiek in de samenleving verandert. De politie verandert mee, maar trager en meer schoksgewijs.’’

Nederlanders plakken na dit soort incidenten graag een ander etiket op de politie: te soft. Ze vinden de politie wel fatsoenlijk, behulpzaam en betrouwbaar, blijkt uit imago-onderzoek van de Stichting Maatschappij en Veiligheid (2013). Maar een derde vindt dat de politie totaal niet zichtbaar, flexibel en gezaghebbend is.

Op het gebied van daadkracht valt nog veel te verbeteren, is de conclusie. Een ruime meerderheid vindt dat er te weinig respect is voor de politie en dat die te weinig gezag uitstraalt. ,,Burgers zien de politie als goedwillend en sociaal vaardig. Maar er is ernstige twijfel over de effectiviteit om misdrijven op te lossen’’, zegt politiehistoricus Guus Meershoek (Universiteit Twente). ,,Het publiek vindt dat de politie te makkelijk over zich heen laat lopen.’’

Dagelijks krijgen agenten (grove) beledigingen naar hun hoofd geslingerd. Elk jaar melden ze rond de 3000 incidenten, zo blijkt uit politiecijfers die deze krant kreeg. Tot nu toe zijn het er dit jaar al ruim 2200. De overheid wil dat elke belediging ook strafrechtelijk wordt aangepakt.

Maar in de praktijk tellen agenten hun zegeningen. Is het de moeite waard om een straatetter die obscene gebaren maakt, op te pakken om hem vervolgens een paar uur later lachend en nog trotser weer te zien vertrekken met hoogstens een boete van een paar honderd euro op zak?

Bovendien tonen de cijfers dat de overlast van jeugdgroepen de afgelopen tien jaar flink is afgenomen. Nederland heeft niet zozeer een agressieprobleem, maar eerder een gezagsprobleem. Of, zoals reputatiedeskundige Paul Stamsnijder het in een essay noemt: ‘gezagserosie’.

De autoriteit van gezagsdragers kalft af. Rechters worden gewraakt, burgemeesters en politici bedreigd, ouders klagen tegen leerkrachten en de agent wordt beschimpt. Burgers hebben een hekel aan bemoeizucht, willen niet meer blind gehoorzamen.

Dat is de erfenis van de jaren zestig, toen provo’s en hippies openlijk het gezag ondermijnden en zich uit het strakke keurslijf worstelden. Jongeren verzetten zich tegen het ouderwetse, autoritaire, gewelddadige, vaderlijke gezag. Ze pikten de moralistische prietpraat van ouders, leraren, bestuurders, dominees en agenten niet langer.

,,De balans tussen rechten en plichten van de burger en de bevoegdheden van de politie is zoek’’, zegt Timmer. ,,Als een agent iemand aanspreekt, doet die dat niet om te kwellen, maar omdat hij de taak heeft mensen te wijzen op de regels. Dat besef is weggerukt uit het publieke bewustzijn.’’

Toen agenten de provo’s letterlijk van de straat sloegen, sprak iedereen er schande van. Daarna stapte de politie af van het autoritaire gezag. Gedogen en hulpverlenen was belangrijker dan optreden en handhaven, met veelzeggende slogans als ‘De politie is je beste vriend’ of ‘Die pet past ons allemaal’.

Vanaf eind jaren tachtig kwam een nieuwe generatie politiemensen in de top. Die predikten community policing : de wijk in om het vertrouwen van de bevolking te winnen. Die aanpak werkte in Amsterdam goed, ervoer filmer en filosoof Jurriën Rood toen hij in die tijd als onderzoeker meeliep met de politie. ,,Ik had een groot gezagsprobleem verwacht, omdat ik overal in de kranten las dat het tanende was, maar dat trof ik niet aan. Jongeren is het erom te doen het gezag uit te dagen. Het gaat er dan om hoe de politie zich opstelt.’’

Het Amsterdamse straatgezag was een combinatie van optreden en praten. Agenten schudden handen en maakten contact. Tegelijk werd er ook ingegrepen, bekeurd en aangehouden. In zijn boek Wat is er mis met gezag? noemt Rood dit ‘communicatief gezag’. ,,Het is effectief en modern.’’ Zelfs in de moeilijkste buurten deed driekwart van de mensen die op hun gedrag werden aangesproken meteen wat agenten vroegen. Eén op de vijf deed het onder protest en slechts 6 procent weigerde.

Toch blijven agenten opboksen tegen een negatieve beeldvorming, mede door de macht van (sociale) media. Incidenten worden uitvergroot, rellen bestempeld als falend gezag. ,,De gebeurtenissen in Zaandam laten zien dat de politie achterloopt met het gebruik van sociale media’’, zegt historicus Meershoek. ,,Net zoals de politie in de jaren zestig weinig benul had van de kracht van televisie. De provo’s wisten dat precies en gingen daarom juist provoceren. Daarmee zetten ze de politie te kijk. Ze waren net een stapje slimmer.’’

Hoe bevlogen en trots agenten ook mogen zijn op hun vak, ze klagen al decennialang over gebrek aan waardering en respect bij de leiding, politiek en de burgers, zo bleek uit een enquête van de SP (2009). Ze gruwelen van de opgelegde bonnenquota, bezuinigingen en bureaucratie.

Het frustreert agenten dat ze steeds minder goed hun werk kunnen doen. Ze maken zich zorgen om de toenemende agressie en de intolerante samenleving, de lage straffen die rechters opleggen.

Ondanks alles blijft het burgervertrouwen in de politie als instituut groot, zo blijkt uit onderzoek van het CBS. Zeventig procent zet de politie bovenaan het vertrouwenslijstje. Ter illustratie: het vertrouwen in de pers is het laagst (30 procent). ,,Ondanks alles is de politie een ijzersterk merk’’, zegt Timmer. ,,Als iets niet pluis is, weet iedereen ze goed te vinden en zijn de verwachtingen torenhoog.’’

Meershoek concludeerde na onderzoek dat juist in de lastigste buurten het imago van de politie nog het best is. ,,Veel burgers zien de politie als laatste strohalm. Vergeleken met het buitenland heeft de Nederlandse politie het imago soft te zijn. Maar in Frankrijk gaat de politie de banlieues niet in. Onze politie komt wél in alle buurten.’’

Elke dag acht scheldkannonades

Peter Winterman

Elke dag krijgen gemiddeld acht agenten in Nederland een ernstige belediging naar hun hoofd geslingerd. De verwensingen lopen uiteen van ‘eikel’, ‘vuile hond’ tot ‘kankerlijer’.

In de eerste acht maanden van dit jaar deden politiemensen ruim tweeduizend keer melding van belediging. Dat aantal is al jaren stabiel, zo blijkt uit cijfers van de Nationale Politie. Agenten doen lang niet altijd aangifte, terwijl dat wel de afspraak is.

,,Een agent doet meestal pas melding of aangifte wanneer een belediging écht niet door de beugel kan”, zegt Gerrit van de Kamp, voorzitter van politievakbond ACP. ,,Meestal voelt een agent zich dan persoonlijk geraakt. Denk aan opmerkingen over iemands huidskleur of een scheldpartij waarin sekse of uiterlijk belachelijk wordt gemaakt.”

Hoewel het aantal geregistreerde meldingen niet toeneemt, is er volgens Van de Kamp wel sprake van meer beledigingen. ,,Mensen worden mondiger en hebben kortere lontjes. Dat merken agenten op straat.” Dat zegt ook politiesocioloog Jaap Timmer: ,,Voor het minste of geringste krijg je nu een middelvinger.”

Van de Kamp stelt dat het aantal geregistreerde meldingen slechts het topje van de ijsberg is. ,,Kijk alleen maar naar de recente filmpjes van treitervloggers. Je ziet dat politiemensen de volle laag krijgen en lang niet altijd ingrijpen. Maar soms heeft een gesprek dan ook meer effect dan een boete of taakstraf.”

Voor het woord ‘eikel’ of ‘kankerhomo’ kunnen boetes van 380 tot 450 euro worden opgelegd.

,,Belediging van politiemensen wordt niet getolereerd”, zegt korpschef Erik Akerboom van de Nationale Politie. ,,Het blijft onacceptabel dat agenten tijdens het uitoefenen van hun werk worden uitgescholden. Daarom wordt iedere collega die dit overkomt aangeraden om melding te doen. We pakken deze zaken met prioriteit op.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Cultuur
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct