Kees Lesuis en Sabine Pater, van het creatieve team van Oerol. ,,We verwachten niet dat je het helemaal gaat zien.” FOTO NEEKE SMIT

Palet aan Oerol-ervaringen, online

Kees Lesuis en Sabine Pater, van het creatieve team van Oerol. ,,We verwachten niet dat je het helemaal gaat zien.” FOTO NEEKE SMIT

Oerol is komende week slechts te ervaren via het scherm. Het artistieke team van dit Terschellinger festival is er druk mee, maar het levert ook energie op.

Op de dag dat het Oerol-festival eigenlijk had moeten losbarsten, zit Kees Lesuis, artistiek leider van Oerol, rustig in de tuin van het festivalkantoor in Midsland met een kop koffie en een croissant. Het ziet er niet naar uit om elf uur ’s ochtends, maar hij heeft er al een lange dag op zitten. ,,Ik was vanochtend al om vier uur op de Noordvaarder, om het licht te zien worden. Een fantastisch moment.”

Hij was er voor de pakweg vijftienkoppige dansgroep van Nicole Beutler, die daar gefilmd werd voor een online-uitzending. ,,Dan voel je weer die hele kracht van landschap, en wat dat doet met de dans. En de energie ook van de makers, die het geweldig vinden dat ze wat kunnen doen.” Het stuk van Beutler, Still Life On The Island, is volstrekt corona-proof , de dansers blijven keurig op anderhalve meter van elkaar. Dat lukt je niet op elk podium.

Gemis

Maar tegelijkertijd is er het besef dat deze online editie geen gewone Oerol is. ,,Je voelt ook het gemis. Dat al die groepen er niet zijn, dat al die productiemedewerkers er niet zijn. Ik kwam van het strand en besefte: ik loop nu niet de wakker wordende Oerol-massa in. Je voelt ook wat we niet doen.”

Het verbindende thema is ‘Het imaginaire eiland’. Lesuis liet zich inspireren door het boek De onzichtbare steden van de Italiaanse schrijver Italo Calvino, waarin ontdekkingsreiziger Marco Polo verslag uitbrengt van zijn reizen. ,,Dat gaat over het scheppen van nieuwe werelden. Met woorden, met verbeelding. Dat gaat ook over de wereld van nu.”

Je eigen verbeelding is ook nodig bij verschillende andere projecten. ,,Om je ervaring af te maken. Bij heel veel projecten word je getriggerd om zelfs iets de doen.” Mooi voorbeeld: Laura van Dolron, ‘standup-filosofe’ die vanuit het bos aan de gelukkigen die voor haar online-project worden geselecteerd ’s ochtends via het computerscherm om teksten en opdrachten vraagt. Met die input maakt ze in de loop van de dag een voorstelling, die ze ’s avonds voor diezelfde selecte club speelt, ook online. En dat vijf dagen lang.

Of Kookeiland , een kookworkshop waarbij je vanuit je eigen keuken mee kunt koken met verschillende eilander koks. Liefst met ingrediënten van het eiland – te bestellen als speciaal samengestelde boxen – ,,om de smaak van het eiland naar je toe te halen”, zegt Sabine Pater, de facto hoofd programma van dit ‘imaginaire’ festival.

Leerproces

Lesuis: ,,Wat we nu leren, op het gebied van interactiviteit en zo, kunnen we weer meenemen naar volgend jaar, als het hopelijk weer normaal wordt. Ik hoop dat we dit kunnen gebruiken als brandstof voor volgende edities. We leren met elkaar. Onze manier van programmeren is een stuk collectiever geworden. Ook omdat we het allemaal niet precies weten.”

Sabine Pater benadrukt het interdisciplinaire karakter van het programma. ,,Alle soorten zintuigen worden aangesproken”, zegt ze. Het gaat ook over collectiviteit. ,,Hoe kunnen we juist in deze tijd die collectiviteit oproepen? Dat was altijd een belangrijk deel van het Oerol-gevoel, en in deze zware tijden nog meer. Voor makers is interactiviteit met het publiek heel essentieel.”

De Oerol-colleges, al een paar jaar onderdeel van het programma, nemen deze keer de vorm aan van een webinar . Ook interactief: een-op-eenontmoetingen met mensen als Joop Mulder, Jeangy Macrooy, Typhoon en Paulien Cornelisse. Pater: ,,Dan heb je in deze gekke, digitale wereld een heel intieme meet & greet met een van je helden.”

Een dans voor het eiland

Iets minder interactief, maar uiterst intrigerend, is het project van de Belgische danser Benjamin Vandewalle, Een dans voor het eiland . ,,Een gedanste ode aan het eiland”, zegt Pater, ,,hij beweegt zich in die vijf dagen over het eiland, gevolgd door een camera.” Slechts de noodzakelijke uurtjes slaap onderbreken die queeste. Jennifer Muntslag en Dionne Verwey maken twee maal per dag, ’s ochtends en ’s middags, een talkshow, met ook volop ruimte voor interactie van de Zoom-kijker. Gerson en Freez, eerder deelnemers aan het Studio Oerol-project van Hessel en Tess van der Kooy, schrijven vanaf de wal elke dag een nieuw liedje.

Sommige artiesten die op deze Oerol-editie werk zouden maken als corona er niet tussen was gekomen, zijn alsnog aan het repeteren geslagen. Compagnie Kistemaker, Orkater, Michiel Voet en Willem de Bruin (van The Opposites) laten fragmenten van hun work in progress zien. Pater: ,,We hebben juist plek voor werk dat nog niet af is. Zo kun je die tussenstappen laten zien.” Dat geldt ook voor Emke Idema, die vorig jaar de Joop Mulder Plak won, en hier een vroege versie van haar komende werk Forest speelt. ,,Daar maken wij weer opnames van, en het komt ter sprake in de talkshow.”

Andere groepen, zoals Tryater en Building Conversations, hebben al digitale versies van hun geplande voorstellingen gemaakt, of werken daar nog aan. De website van Oerol verwijst de kijker door. Kees Lesuis: ,,Het is best een vol programma. We verwachten niet dat je dat helemaal gaat zien, dat lukt op Oerol nooit, maar we moedigen de mensen aan om zo veel mogelijk te ontdekken. Het wordt een palet van ervaringen.”

www.oerol.nl

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 4,99 per maand. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct