Onder meer Meindert Talma krijgt in de periode 2021-2024 geen geld van het Fonds Podiumkunsten.

Ministerie onder vuur om ‘bizarre’ verdeling cultuursubsidies, waardoor Noorden en Oosten er bekaaid van afkomen

Onder meer Meindert Talma krijgt in de periode 2021-2024 geen geld van het Fonds Podiumkunsten. Foto: Archief/Marcel van Kammen

Het ministerie van Cultuur wipte stilletjes het criterium ‘regionale spreiding’ uit de nieuwe regeling voor de subsidies voor podiumkunsten.

De CDA-fractie in de Tweede Kamer trekt erover aan de bel. Zij spreekt van een bizarre verdeling en vraagt opheldering aan Cultuurminister Ingrid van Engelshoven.

De onvrede in de regio is groot; van de pot geld gaat 54 procent naar Amsterdam en 11 procent naar Rotterdam en Utrecht. Er gaat niets naar Overijssel en Gelderland. Noord-Nederland krijgt een schamele 2 procent.

‘Scherpe Kamervragen’

CDA-Tweede Kamerlid Pieter Omtzigt spreekt van ,,scherpe Kamervragen’’. De fractie kwam erachter dat het criterium ‘regionale spreiding’ eind vorig jaar stilletjes uit de voorwaarden is gehaald van de deelregeling 2021-2024 van het Fonds Podiumkunsten. Tijdens de vorige vierjarige periode was dit nog wel een vereiste. In november debatteerde de Tweede Kamer over Cultuur. Op 22 november, een paar dagen daarna, werd de subsidieregeling gepubliceerd.

De Tweede Kamer werd niet expliciet over de wijziging geïnformeerd. Dat is bij een regeling ook geen vereiste, weet Omtzigt, maar wat hem betreft had dat in dit geval wel gemoeten. ,,Dit is tegen het regeerakkoord. En het is gewoon slecht beleid.’’

Het CDA wil weten of de minister persoonlijk heeft ingestemd met de gang van zaken. ,,De kernvraag is: wie haalde geografische spreiding uit de voorwaarden?’’ Het criterium diversiteit en inclusie bleef gehandhaafd. Zo konden gezelschappen in de grote steden in de Randstad zich naar voren werken.

‘Kleiner budget is de reden’

Het Fonds Podiumkunsten geeft vanwege de commotie alvast een reactie op de eigen website. Ze legt de schuld bij een vermindering van het totaalbudget. ,,Het Fonds hecht wel degelijk aan spreiding, maar binnen het beschikbare budget voor meerjarige productieaanvragen is het lastig spreiding van standplaats te realiseren.’’

Het Fonds had voor de periode 2021-2024 15,8 miljoen euro minder te besteden. Dat geld is overgeheveld naar de culturele basisinfrastructuur (musea), waarover de Raad voor Cultuur adviseert. De laatste heeft regionale spreiding wél hoog in het vaandel staan, meldt het Fonds. ,,Met deze verschuiving kan (...) een betere spreiding tot stand komen. Dat is voor het Fonds reden geweest de spreiding een minder grote nadruk te geven in de beoordeling.’’

Vijf provincies, één toekenning

Volgens het Fonds ,,komt in de praktijk het overgrote deel van de aanvragen uit de vier grote steden’’. De landsdelen Noord- en Oost-Nederland omvatten samen vijf provincies. Het CDA becijfert dat deze vijf tijdens de nieuwe subsidieronde slechts 1 van de ruim 50 toekenningen binnensleepten.

Van de 58 festivals kregen 5 Friese een meerjarig bedrag. Van de 78 toegekende productiesubsidies (gezelschappen) kwam er eentje terecht in Noord-Nederland. Onder de afvallers zijn onder meer het Noordpool Orkest uit Drachten en Meindert Talma.

4 procent van de aanvragen kwam uit Noord-Nederland, dat uiteindelijk 2 procent van het fondsgeld binnensleepte. Oost-Nederland vroeg 5 procent en kreeg helemaal niets.

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct