Britten herdenken Slag aan de Somme

De Britse koninklijke familie neemt de komende twee dagen uitgebreid deel aan de herdenking van het begin van de Slag aan de Somme precies honderd jaar geleden. De Britten verloren alleen al op de eerste dag van dit offensief in Noord-Frankrijk tienduizenden manschappen.

Koningin Elizabeth en prins Philip wonen donderdagavond een wake bij in Westminster Abbey. Prins William, prins Harry en Catherine doen dat tegelijkertijd bij het Thiedval Memorial in Frankrijk, een monument voor 70.000 Britse en Gemenebest-soldaten die geen graf hebben. Vrijdag zijn ook prins Charles en echtgenote Camilla in Thiedval, en later wonen ze nog twee andere herdenkingen bij. In Engeland worden vrijdag twee minuten stilte in acht genomen.

De eerste dag van de Slag aan de Somme was de bloedigste dag uit de Britse krijgsgeschiedenis. Het was destijds de bedoeling om de patstelling te doorbreken die sinds het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog twee jaar eerder was ontstaan in dit deel van Frankrijk, waar Britten, Gemenebest-troepen en Fransen zich hadden ingegraven tegenover de eveneens in loopgraven ingegraven Duitsers.

Prijsschieten

Het offensief was maandenlang voorbereid en moest ook de Franse troepen die bij Verdun bijna aan het einde van hun Latijn waren, ontlasten. Maar tactisch en strategisch ging bijna alles fout aan de Somme, waar de Britten onder meer volkomen onervaren en slechts gedeeltelijk getrainde manschappen inzetten die min of meer wandelend en in gesloten formatie op de Duitsers afgingen.

De legerleiding had gedacht dat een zwaar bombardement op de Duitse stellingen en op het prikkeldraad ervoor de weg vrij zou maken. In plaats daarvan konden de Duitsers prijsschieten. Toen het offensief maanden later werd beëindigd telden de Britten 420.000 slachtoffers. In totaal vielen er aan beide kanten een miljoen doden en gewonden.

Toon reacties