WHO: zes weken tussen eerste en tweede prik Moderna is mogelijk

WHO: zes weken tussen eerste en tweede prik Moderna is mogelijk ANP

Wanneer iemand het coronavaccin van Moderna toegediend krijgt, hoeft de herhaalprik niet per se na vier weken te worden gegeven. Het is mogelijk om de tweede dosis tot zes weken na de eerste injectie te geven. Dat concludeert de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) van de Verenigde Naties.

Twee coronavaccins zijn tot nu toe op grote schaal in Westerse landen op de markt gebracht, een middel van Pfizer en BioNTech en het middel van Moderna. Pfizer raadt aan om de tweede vaccinatie na drie weken te doen, bij Moderna is dat na vier weken. Vanwege de beperkte voorraden hebben meerdere landen echter aangekondigd om de tweede dosis uit te stellen. Nederland heeft dat besloten voor nieuwe inentingen met het vaccin van Pfizer en BioNTech. Zo kunnen meer mensen een eerste prik krijgen en alvast wat bescherming opbouwen tegen het coronavirus, is de gedachte.

Volgens de WHO is het het beste om niet langer dan vier weken tussen de eerste en de tweede Moderna-prik aan te houden. Maar in "uitzonderlijke omstandigheden" is het mogelijk om tot 42 dagen te wachten. Eerder zei de WHO al dat uitstel van het tweede Pfizer-vaccin mogelijk is. De organisatie benadrukt wel dat het bewijs niet sterk is.

De WHO-deskundigen raden aan om mensen na vaccinatie goed in de gaten te houden, zodat meteen kan worden ingegrepen als ze een allergische reactie krijgen. De experts raden het Moderna-vaccin nog niet aan voor vrouwen die zwanger zijn of borstvoeding geven. Ze zeggen dat ze daar meer gegevens voor nodig hebben. De adviseurs vinden het niet gepast om reizigers voorrang te geven bij vaccinaties en zeggen dat eerst gezondheidsmedewerkers en kwetsbare mensen aan de beurt zijn voor een vaccin.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Buitenland