Protestantse kerk erkent schuld aan joodse gemeenschap

De herdenking van de Kristallnacht vond dit jaar plaats in de Amsterdamse Rav Aron Schuster synagoge. FOTO ANP

De Nederlandse Protestantse Kerk heeft zondag schuld beleden voor de rol van de kerk in de periode voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. Dit gebeurde tijdens de jaarlijkse herdenking van de Kristallnacht in Amsterdam.

De kerk erkent dat ze medeverantwoordelijk was voor het ontstaan van een klimaat van antisemitisme in aanloop naar de Tweede wereldoorlog. Ook tijdens de oorlog schoot de kerk te kort, door niet nadrukkelijk positie te kiezen voor de joden.

De kerk maakt geen excuses maar belijdt wel schuld: “Wij schoten tekort in spreken en in zwijgen, in doen en in laten, in houding en in gedachten,” aldus René de Reuver, scriba van de Protestantse Kerk in Nederland. Dat het gesprek hierover met de joodse gemeenschap pas 75 jaar na de bevrijding wordt gezocht is laat, zegt De Reuver. “Naar wij hopen niet té laat.”

De herdenking van de Kristallnacht in 1938, toen in de nacht van 9 op 10 november in heel Duistland joden en hun bezittingen werden aangevallen, vond dit jaar plaats in de Amsterdamse Rav Aron Schuster synagoge. In verband met de coronamaatregelen was er geen publiek aanwezig, wel was de herdenking via een livestream te volgen.

Ook Frans Timmermans stipte tijdens de herdenking de rol van de kerken tijdens de oorlog aan. “Na de Kristallnacht bleven de kerken stil. Sommige geestelijken begroetten zelf het verbranden van synagoges.”

Passief

Nabestaanden van christelijke verzetsmensen reageerden zaterdag in dagblad Trouw ontzet op het voornemen van de kerk om schuldbelijdenis te doen. ‘De kerk schoffelt over de graven van de verzetsmensen,’ aldus één van de nabestaanden: ‘De Reuver heeft geen idee hoe groot en algemeen het verzet was.’

Het Centraal Joods Overleg (CJO) is wel blij met de verklaring en vindt het een mooi en welkom gebaar van vriendschap, aldus CJO-voorzitter Eddo Verdoner. “Binnen de kerk was er tijdens de oorlog een stroming die vond dat het gezag altijd gevolgd moest worden, ook als dat gezag van een Duitse bezetter kwam. Dit alles heeft ertoe geleid dat velen in de kerk passief en sommigen zelfs actief hebben meegeholpen aan de Jodenvervolging.”

Tegelijk waren er ook christenen die zich wel verzetten tegen de Jodenvervolging, aldus Verdoner. “In vele kerken werd juist van het spreekgestoelte opgeroepen, om Joodse onderduikers in huis te nemen en hen te beschermen.”

Ook de Protestantse Kerk wijst daarop in haar verklaring: door sommige leden van de kerk werden ‘daden van ongelofelijke persoonlijke moed’ verricht, aldus De Reuver. “Met dankbaarheid gedenken wij hen die de moed hadden om tijdens de oorlog in verzet te komen.”

De declaratie is niet alleen een schuldbelijdenis, maar ook een stap naar verzoening, vindt Verdoner. “De kerk kan zo een stap maken om dit antisemitische gedachtegoed voorgoed uit haar gelederen te verbannen, en samen met de Joodse gemeenschap zij aan zij vechten tegen antisemitisme.”