Prikpauze bij vaccins blijft zes weken: mensen krijgen sneller eerste prik

Foto: ANP

De tijd tussen de eerste en tweede prik met het Pfizer-vaccin blijft zes weken, ook al vinden de fabrikant het medicijnagentschap EMA dat het drie weken moet zijn. Dat zal demissionair minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) besluiten na spoedadvies van de Gezondheidsraad. De raad zal volgens betrokkenen in een woensdag te verschijnen advies stellen dat het verantwoord is om het interval tussen de eerste en de tweede prik op te rekken van drie naar zes weken.

Daarmee kan De Jonge verder op de ingeslagen weg. Twee weken geleden besloot hij het prikplan te versnellen door het interval te verkleinen. Daarmee houdt Nederland minder voorraad aan en kunnen meer mensen sneller hun eerste prik krijgen, waarmee ze al enige bescherming hebben. De Gezondheidsraad en het Outbreak Management Team (OMT) keurden de verlenging van de prikpauze met drie weken toen goed.

Vorige week leek het Europees Medicijn Agentschap (EMA) roet in het eten te gooien toen het met een aangepaste bijsluiter kwam voor het vaccin van Biontech/Pfizer. Daarin kwam expliciet drie weken te staan als termijn voor het toedienen van de tweede dosis. In de eerdere versie stond nog dat er 'ten minste 21 dagen' moesten zitten tussen de twee prikken. Ook de fabrikant raadt een tussenpoos van drie weken aan. Bij een langere interval is er geen zekerheid over de effectiviteit, stelt de farmaceut. Met een tussentijd van zes weken is gewoonweg te weinig getest.

Na de vernieuwde EMA-bijsluiter vroeg De Jonge de Gezondheidsraad opnieuw naar de prikinterval te kijken. Ook nu vindt de Gezondheidsraad het risico verantwoord, zo melden betrokkenen. Het advies zal niet tot ’beleidswijzigingen’ leiden. Het kabinet zal zich wel aan de maximumtermijn van 42 dagen houden tussen de twee prikken. Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) oordeelde eerder dat de klinische gegevens weliswaar beperkt zijn, maar dat desondanks de werkzaamheid van het Pfizer-vaccin bij een prikpauze van zes weken voldoende is aangetoond.

De Gezondheidsraad komt deze week met meer adviezen aan het kabinet. Donderdagochtend wordt het advies verwacht over het ’medisch-ethische kader’ over maatschappelijke voordelen die gevaccineerden al dan niet kunnen krijgen. Minister De Jonge heeft steeds gezegd dat van voordelen op publieke plaatsen geen sprake kan zijn, aangezien dat al snel raakt aan drang en dwang, terwijl een inenting tegen het coronavirus te allen tijden vrijwillig moet zijn. Het advies gaat over het al dan niet toestaan van vaccinatievoordeel bij private partijen - voetbalstadions die alleen gevaccineerde supporters toelaten.

AstraZeneca

De raad komt donderdagmiddag ook nog met een advies over de inzet met het AstraZeneca-vaccin. Daarvan heeft Nederland er in het eerste kwartaal 4,5 miljoen besteld, al zullen er aanmerkelijk minder van worden geleverd. Volgens de vaccinatievolgorde van het kabinet krijgen onder anderen medewerkers in de gehandicaptenzorg en wijkverpleging dit vaccin. Ook GGZ-cliënten, medisch kwetsbaren en thuiswonende ouderen staan ingetekend voor dit vaccin. Omdat er minder vaccins komen moet het kabinet hier de keuzes aanscherpen. Het kabinet doet dat naar verwachting komende vrijdag. Hierbij kan meespelen dat het Astra-vaccin minder goed bij oudefren werkt dan de vaccins van Pfizer en Moderna.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Binnenland
Coronavirus