Politieke crisis Malta om moordzaak journaliste

De Maltese politie onderzoekt in de haven van St Julian's het zwarte jacht Gio van Yorgen Fenech. FOTO AFP

De Maltese regering is in een crisis gestort door recente aanhoudingen in de zaak rond de dood van journalist Daphne Caruana Galizia. De stafchef van premier Joseph Muscat, Keith Schembri, en de minister van Toerisme Konrad Mizzi stapten dinsdag op vanwege de zaak. De minister van Economische Zaken Christian Cardona zette zichzelf op non-actief, omdat hij zaterdag werd verhoord.

Cardona zegt niets met de zaak te maken te hebben en treedt tijdelijk terug ‘uit nationaal belang”. Dit in afwachting van de conclusies van het politieonderzoek naar de moord op de onderzoeksjournaliste in 2017. Cardona werd zaterdag kort ondervraagd door de politie in verband met de zaak.  Naar eigen zeggen om opheldering te verschaffen. 

Ondanks dat hij ontslag nam, ontkent Toerisme-minister Konrad Mizzi elke betrokkenheid bij de moord. ,,Na lang nadenken heb ik besloten op te stappen. Dit uit loyaliteit voor de premier en ons land. Ik zie het als mijn plicht om ontslag te nemen zodat de regering in alle rust haar kabinetstermijn uit kan zitten. Ik behoud wel mijn zetel in het parlement’’, verklaarde hij tegenover Maltese media.

Lees ook | Doorbraak moord journaliste op Malta: casinobaas opgepakt

Volgens Mizzi bestaat er geen verband - direct noch indirect - tussen hem en de in Dubai geregistreerde firma 17 Black en de Maltese zakenman Yorgen Fenech. Die laatste werd vorige week gearresteerd vanwege zijn banden met dat bedrijf, dat voorkwam in een onderzoek naar corruptie van de vermoorde onderzoeksjournaliste. Hij verklaarde zaterdag te willen praten in ruil voor een overheidspardon. Maandag kreeg een tussenpersoon in de zaak gratie nadat hij informatie had gegeven.

Stafchef Keith Schembri van premier Joseph Muscat nam ontslag nadat hij lange tijd door de politie was ondervraagd in verband met het moordonderzoek.

Onderzoeksjournaliste Galizia schreef geregeld over politici en corruptie en daarbij kwamen de namen van Schembri en Mizzi vaak naar voren.