Onderwijsminister Arie Slob: de Verklaring Omtrent Gedrag voor het onderwijs moet op de schop

Foto: ANP

Demissionair minister Arie Slob wil de Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) aanscherpen voor het onderwijs. Dit moet de kans op seksueel grensoverschrijdend gedrag door personeel op scholen verminderen.

,,We onderzoeken momenteel of dit mogelijk is, bijvoorbeeld door onderwijspersoneel om de zoveel jaar een VOG te laten aanvragen’’, aldus een woordvoerder van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).

Aanleiding tot de eventuele wijziging in aanpak is het toenemend aantal schoolmedewerkers dat zich schuldig maakt aan ontucht met leerlingen. Het totaalaantal meldingen is ten opzichte van het vorig jaar gedaald vanwege corona, maar uit onderzoek door de Inspectie van het Onderwijs blijkt dat het aantal incidenten met personeel opnieuw is gestegen.

De toename is op het speciaal onderwijs het grootst. Bijna een op de twee meldingen gaan over ongewenste, hinderlijke aanraking of aanranding door een medewerker.

In het basisonderwijs gaat het om een stijging van 14 procent ten opzichte van 2018-2019. Het aantal meldingen in het voortgezet onderwijs liep op met 8 procent. ,,Een zorgelijke ontwikkeling’’, stelt woordvoerder Bart van den Berg van de Inspectie van het Onderwijs.

De Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) moet dan ook op de schop, zo adviseren ResearchNed en Bureau Beke, die in opdracht van het onderwijsministerie onderzoek verrichtten naar seksueel grensoverschrijdend gedrag in het onderwijs.

Want een VOG geeft alleen aan dat een persoon geen strafbare feiten heeft gepleegd in het verleden. ,,De oudere docent kan een VOG hebben van dertig jaar oud. Ook bij jonge docenten die net zijn begonnen, zegt een VOG weinig’’, aldus de onderzoekers. Ook het nalopen van referenties biedt niet altijd helderheid, omdat de reden van ontslag vaak niet wordt genoemd.

Grootste risicofactor dat zedendelinquenten op scholen actief kunnen blijven is het lerarentekort, aldus ResearchNed en Bureau Beke in het rapport. ,,De hoge nood is soms belemmerend voor het grondig controleren van nieuw personeel en uitzendbureaus zijn niet altijd even zorgvuldig.’’

De onderzoeksbureaus adviseren dan ook een continue screening van personeel op scholen en het verplicht inwinnen van referenties. In de zorg wordt deze aanpak al gehanteerd sinds de Amsterdamse zedenzaak rond Robert M., die als medewerker in de kinderopvang tientallen kinderen misbruikte.

Ook de Onderwijsinspectie vindt de werking van een VOG ,,niet optimaal.’’ Het stuk is verplicht voor medewerkers van een school, maar niet voor bestuurders, de meeste vrijwilligers en stagiaires. ,,Ook daar zou verandering in moeten komen’’, aldus de organisatie. Die pleit daarnaast nog voor het instellen van een ‘zwarte lijst’, waar plegers van zedenmisdrijven op vermeld zouden moeten worden. De zorg werkt al met zo’n ‘waarschuwingsregister’.

Scholen hebben meld-, overleg- en aangifteplicht bij een vermoeden van een zedenzaak. Het schoolbestuur moet worden ingelicht. Dat overlegt de kwestie met de vertrouwensinspecteur van de Onderwijsinspectie. Bij een redelijk vermoeden van een zedenmisdrijf volgt aangifte bij de politie.

Van de 132.757 aanvragen voor een VOG in 2018 werden er 64 geweigerd, oftewel 0,03 procent. Alle plegers die tegen de lamp liepen, beschikten over een VOG.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Binnenland
Onderwijs