OM houdt vast aan celstraf voor voormalig VVD-kopstuk Linschoten

OM houdt vast aan celstraf voor voormalig VVD-kopstuk Linschoten ANP

Het Openbaar Ministerie blijft erbij dat voormalig VVD-coryfee Robin Linschoten celstraf verdient voor het gesjoemel met belastingaangiftes in de periode van 2010 tot en met 2012. Nieuwe onderzoeken en stukken hebben wat de aanklaagster betreft niet tot een ander standpunt geleid. Dat zei ze woensdag bij de voortzetting van de beroepszaak bij het gerechtshof in Amsterdam.

Het OM eiste november vorig jaar in hoger beroep al vijf maanden gevangenisstraf tegen de 63-jarige Linschoten, waarvan drie voorwaardelijk. De eis was gelijk aan de straf die de rechtbank Linschoten in 2017 gaf. Het OM had toen een taakstraf en een voorwaardelijke celstraf gevorderd.

Het gerechtshof zou in december vorig jaar uitspraak doen, maar stelde een definitief oordeel toen uit omdat het meer informatie wilde hebben over de financiële positie van Linschoten en zijn vennootschappen in de periode dat hij zou hebben gefraudeerd. Linschoten benadeelde de fiscus met te lage btw-aangiftes voor meer dan 100.000 euro.

Janboel

Zijn raadslieden herhaalden woensdag dat het hof Linschoten wat hen betreft moet vrijspreken. Volgens hen stond al vast dat hun cliënt weliswaar laks is geweest, maar nooit moedwillig heeft gefraudeerd. De nieuwe informatie bevestigt dat alleen maar, stelden ze.

Advocaat Willem Koops zei dat onmiskenbaar is gebleken dat "nergens in de stukken een begin van voordeel is te bekennen en dat geen cent achterover is gedrukt". Volgens zijn verdediging is Linschoten ten prooi gevallen aan een "disfunctionerend administratiekantoor, dat er met allerlei geknutsel een complete janboel van heeft gemaakt". De aanklaagster bracht daartegenin dat "het vooral een janboel is geworden doordat de verdachte er zelf een janboel van heeft gemaakt".

Linschoten leverde destijds stukken niet of veel te laat aan bij zijn boekhoudkantoor, dat daardoor geschatte aangiftes indiende. Hij noemde zijn eigen handelen eerder al "slordig en ongelooflijk laks" en snakt naar het einde van de zaak: "Wat mij momenteel het allerzwaarste raakt, is deze affaire die boven mijn hoofd hangt. Mijn leven leven staat zakelijk en privé compleet stil. Het zou me een lief ding waard zijn als ik daar beweging in kan brengen."

Het hof doet 9 september uitspraak.