Opinie: Het Westen heeft Koerden verraden

Westerse landen blijven stil over het geweld in Afrin. Het is traditie de Koerden te negeren en weg te kijken.

Terwijl de Turkse president Erdogan meedogenloos optreedt tegen Koerden in Syrië, blijft het in een groot deel van het Westen oorverdovend stil. Doofstommetje spelen ten aanzien van de Koerdische kwestie, het is inmiddels tot traditie verheven.

Het bloedvergieten in Afrin, de actuele Turkse dreiging jegens de Koerden in Manbij en Rojava, Koerdische wijken die in Zuidoost-Turkije met de grond gelijk worden gemaakt, het zijn slechts enkele recente voorbeelden van de genadeloze agressieoorlog van president-dictator Erdogan tegen de Koerden binnen en buiten de grenzen van Turkije.

Weet u nog dat de Koerdische peshmerga nog niet zolang geleden als helden werden onthaald omdat zij het vuile grondwerk tegen IS opknapten? De peshmerga vormden de belangrijkste bondgenoten in de strijd van westerse troepen tegen IS. Veel soldaten sneuvelden aan de frontlinie, zoals ook twee van mijn familieleden. Soldaten die het overleefden krijgen van hun ‘westerse bondgenoten’ een dolksteek in de rug.

De geschiedenis van het Koerdische verraad gaat bijna honderd jaar terug. Aan het einde van de Eerste Wereldoorlog werden nieuwe grenzen vastgesteld door de Fransen en Engelsen (het Verdrag van Sèvres). Koerden hoopten toen nog op enige vorm van autonomie, maar bij het latere Verdrag van Lausanne werd daar een streep door gezet. Ze kregen niets en waren vanaf toen een speelbal van Turkije, Iran, Syrië en Irak.

Later, in 1975, leverde de Amerikaanse CIA wapens aan Koerden om te strijden tegen het regime van Saddam Hoessein. Aan die samenwerking kwam prompt een eind toen Bagdad een deal sloot met Teheran: de Koerden waren niet meer nodig.

In de jaren tachtig stonden de Koerden er alleen voor toen Saddam tijdens een van zijn wrede moordcampagnes vijfduizend Koerden doodde met sarin en mosterdgas. De internationale gemeenschap wist van de moordcampagne, maar ondernam geen enkele actie en zweeg. Sterker nog: de chemische middelen die tegen de Koerden werden gebruikt, waren met steun van westerse bedrijven geproduceerd. Het waren onder meer Nederlandse, Duitse, Belgische, Amerikaanse en Russische bedrijven die grondstoffen leverden.

Tijdens de Irak-oorlog in 2003 stonden de Koerden weer zij aan zij met westerse grootmachten. Dankzij die samenwerking kon Saddam eindelijk omver worden geworpen.

Afgelopen oktober hielden de Koerden in mijn geboortestreek (Iraaks-Koerdistan) een niet-bindend referendum over onafhankelijkheid. Een staat voor een volk dat al zolang wordt gepasseerd, even geloofde ik dat het echt mogelijk was.

Maar ondanks hun tomeloze inzet in de afgelopen jaren kregen de Koerden amper steun van de buitenwereld. Irak, Turkije, Iran, Syrië en ook de VS en Europa spraken van een ‘slechte timing’. Turkije dreigde zelfs met militair ingrijpen.

Familie, vrienden en kennissen van mijn ouders hebben in de strijd tegen Islamitische Staat oog in oog gestaan met IS-strijders. Van internationale gesprekspartners krijgen ze nu welwillende woorden, maar als het op daden aankomt, gebeurt er niets. Koerden zijn al een eeuw wisselgeld. ,,Wij voelen ons niet gehoord”, hoor ik een vrouw uit Manbij op de Koerdische televisie zeggen. ,,We rekenden op Europa. De Europeanen zijn de enigen die Turkije in toom kunnen houden, maar ze doen niets.” Ik zie het verdriet in haar ogen en het steekt mij meer dan ooit.

Mijn vader, de grootste optimist die ik ken, verwachtte dat het na al die jaren van terreur eindelijk beter zou worden. Maar ook hij is somber. ,,Wat heeft dit zogenaamde bondgenootschap ons opgeleverd nu wij politiek noch economisch door het Westen worden geholpen?”

Kennelijk is de relatie met Turkije belangrijker dan het bloedvergieten onder de Koerden. Het Turkse leger ontvoert, martelt en plundert Afrin, terwijl de grootmachten de situatie uit politieke overwegingen doodzwijgen. Een treffend citaat van Edmund Burke vat dat zwijgen mooi samen: ,,Er is maar één ding nodig om het kwade te laten zegevieren: goedwillende mensen die niets doen.’’

Een paar weken geleden vond het belangrijkste Koerdische feest van het jaar plaats: Nawroz. Ik kon het niet opbrengen om feest te vieren terwijl Koerden elders massaal worden afgeslacht. Ik ben diep teleurgesteld in Europa en heb de hoop verloren dat er iets verandert. Koerden zullen blijven vechten en telkens opnieuw worden verraden. In de jaren zestig demonstreerden ‘we’ over de hele wereld tegen de gruwelijkheden in Vietnam. Nu kijkt de wereld de andere kant op; een grotere tegenstelling kan bijna niet.

Naz Taha is een Koerdisch-Nederlandse journalist.

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven