Friese jongeren blijven achter bij leeftijdsgenoten elders

We zijn met zijn allen steeds hoger opgeleid, maar het verschil tussen het landelijk en het Friese gemiddelde wordt niet kleiner. Friese jongeren zijn nog altijd relatief laag geschoold. Daardoor hebben zij minder kansen dan leeftijdgenoten elders.

Dat is een van de uitkomsten van een onderzoek van het Fries Sociaal Planbureau naar Friese jongeren. Het FSP analyseerde bestaande cijfers en interviewde honderd jongeren, 50 mbo’ers en 50 hbo’ers, over leren, werken en wonen. De belangrijkste resultaten worden donderdag gepresenteerd op het symposium ‘Staat van Friese jongeren’.

Zo’n 37 procent van de jongeren haalde in 2016 een havo- of vwo-diploma. Landelijk was dit 44 procent. Een lager ambitieniveau van ouders en leerkrachten is een belangrijke factor bij het gemiddeld lagere opleidingsniveau in Friesland.

Mbo-provincie

Omdat mensen met een hogere opleiding meer kans hebben op werk, een hoger inkomen en een gezonder leven, bepleit het FSP meer onderzoek naar de achtergronden van de lagere ambities.

Friesland blijft een echte mbo-provincie; het aandeel mbo’ers onder jongeren (15-27-jarigen) was in het schooljaar 2015/2016 54 procent. Landelijk was dit 42 procent.

Juist de mbo’ers willen veelal in hun geboorteprovincie blijven, blijkt uit de interviews. Ze waarderen de rust en de ruimte, de nabijheid van vrienden en familie, en - bij Friestaligen - het feit dat er Fries wordt gesproken.

Zij zijn vaak optimistisch over werk en hun toekomst in Friesland. Dat juist de banen op de laagste niveaus, door robotisering of digitalisering, kunnen verdwijnen, realiseren ze zich nog amper. Het is dus belangrijk, aldus de onderzoekers, dat jongeren in staat worden gesteld verder te leren.

Flexibele banen

Van de hbo’ers en wo’ers die buiten de provincie wonen, gaf een deel aan dat ze op termijn terug willen naar Friesland. De belangrijkste voorwaarde hiervoor is werk op niveau. De grootste uitdaging om deze hoogopgeleiden te laten terugkeren, is het creëren van hoogwaardige banen. Door de vergrijzing en de technologische ontwikkelingen is de verwachting dat passend werk voor deze groep - landelijk - toeneemt.

Veel jongeren gaven aan af te willen van flexibele arbeidscontracten. Slechts een derde heeft een vaste baan. De flexibele banen zorgen voor veel onzekerheid; jongeren moeten voortdurend op zoek naar een nieuwe baan en het beperkt hen bij het kopen van een huis.

De onderzoekers stellen dat mbo-jongeren sneller zekerheid over een vaste baan moeten krijgen. ,,Daarnaast is provinciale afstemming nodig over betaalbare koop- en huurwoningen voor jongeren. Ook is het belangrijk te zoeken naar innovatieve oplossingen om jongeren sneller zelfstandig te laten worden. Alleen meer bouwen is niet de oplossing’’, zegt Henk Fernee, teamleider onderzoek van het FSP.

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven